De skyline boven Maria-ter-Heide

Geschiedenis

Maria-ter-Heide - Brasschaat De wijk Maria-ter-Heide is genoemd naar Onze Lieve Vrouw, de parochieheilige. Het achtervoegsel 'ter-Heide' verwijst naar de vroegere toestand van het gebied. Omdat het vrijwel onbewoond was tot 1760, noemde men het ook wel de 'Brasschaatse Heide'. Pas vanaf 1852 kreeg de 'Brasschaatse Heide' de naam, zoals we die nu allemaal kennen, Maria-ter-Heide.

De stichter van Maria-ter-Heide is baron Fréderick de Beelen-Bertholff. Hij, geboren op 29 juni 1729 te brussel, was griffier van de Raad van Financiën. Vóór 1760 was de Brasschaatse Heide onbewoond en vormde het een uitgestrekte en braakliggende heide met tientallen vennen. Op 22 mei 1768 begon hij met de ontginning van de heide. Hij begon op eigen houtje de heide beter toegankelijk te maken door de wegbedding gereed te maken. Rond 1770 begon hij zijn kasteel, het huidige Bellenhof, te bouwen. Na een periode van 9 jaar was het kasteel eindelijk af (1779). In 1780 bouwde hij een kapel op het domein, waar de inwoners de zondagsmis konden bijwonen. En dit tot 1783, want dan vertrok de baron naar Amerika. Later werd de parochie als zelfstandig erkend en onder de bescherming gesteld van Onze Lieve Vrouw Onbevlekte Ontvangenis.

In 1830 bestond de bevolking van de Brasschaatse Heide uit 500 bewoners. In de wijk bevonden zich op dit moment ook drie straten: de Bredabaan, de Essensteenweg en de Brechtsebaan. In 1842 bouwde de graaf Baillet-Moretus op zijn domein verschillende lokalen. Enkele jaren later werd dit domein, het kamp, met een oppervlakte van 92 ha, verkocht aan de Staat. Rond 1849 werd er een kerk met bijhorend kerkhof en pastorij gebouwd. Enkele decenia later schonk de familie della Faile de Leverghem een 16de eeuws houten drieluik. Diezelfde familie bouwde in 1857 schoollokalen en kosterswoningen naast de kerk. Deze lagere school werd in 1901 aangevuld met een vrije lagere meisjesschool. In 1887 werd er de eerste stoomtramlijn aangelegd richting Antwerpen. Deze lijn zou voor een snellere verbinding richting Antwerpen moeten zorgen. Na Wereldoorlog I werd het (militaire) kamp sterk uitgebreid. Men breidde ook het wegennet in Maria-ter-Heide uit. De wijk werd aangesloten op het elektriciteitsnet in 1922 en op het waterleidingsnet in 1939.

Bij het begin van Wereldoorlog II (10 mei 1940) bombardeerden Duitse vliegtuigen de wijk. Vele bewoners vluchtten naar de omringende bossen of naar Brasschaat (centrum). Op 17 mei vielen de Duitsers binnen en plunderden de talrijke huizen en bezetten het Kamp. Op 3 oktober 1944 werd de wijk bevrijd en trokken de Duitsers zich terug. Maria-ter-Heide heeft een zware tol betaald aan Wereldoorlog II. Vele materiële schade en talrijke oorlogsslachtoffers, gevangenen en gekwesten waren het resultaat van deze oorlog.

Enkele jaren na de oorlog kocht het gemeentebestuur van Brasschaat het kasteel van De Mik. Talrijke gronden worden doorverkocht aan burgers. In de periode van 1950 en 1970 werd er letterlijk nieuw leven in Maria-ter-Heide geblazen. Men zag het bevolkingscijfer ieder jaar fors stijgen. In 1978 bestond de bevolking van de wijk uit 3509 inwoners. In 2004 telde de wijk Maria-ter-Heide 4479 bewoners.

Noot: Maria-ter-Heide wordt ook wel in de volksmond ‘Polygoon’ genoemd. Deze naam verwijst naar het militaire (veelhoekig) oefenterrein. De naam "Polygone" betekent in het frans zowel veelhoekig als oefenterrein voor artillerie of schietterrein.